Lang voordat je je eerste gletsjer of vulkaan ziet, kom je vrijwel zeker een IJslands paard tegen: boven op een heuvel, de manen dwars in de wind. Ze zijn klein maar sterk, en zo kalm dat je zou denken dat storm en ruig terrein oude bekenden zijn. Wie ze voor het eerst ziet, heeft niet het gevoel naar vee te kijken. Het is eerder alsof je kennismaakt met een van de oudste bewoners van het eiland.
Misschien zet je de camper in een parkeerhaven en stap je uit in de frisse lucht. Een paar paarden heffen hun hoofd en spitsen de oren. In plaats van weg te rennen komen ze dichterbij, hun hoeven zacht op de bemoste grond, en in hun nieuwsgierige ogen spiegelen bergen, zee en lucht. Op zo'n moment is IJsland ineens meer dan een mooi decor. Kijken mag zo lang je wilt. Voeren of aaien doe je alleen als de boer het goedvindt.
Wil je IJslandse paarden zien zonder bussen vol toeristen om je heen, dan zit je met een camper goed: je stopt bij kleine boerderijen en in stille dalen wanneer het jou uitkomt. Welke campers we hebben, zie je op camper huren in IJsland. Een route die erbij past, vind je bij onze rondreis door IJsland met gratis routeplanner.
IJslands paard: de belangrijkste feiten
- Afkomst: Noorse kolonisten brachten de paarden ruim 1.000 jaar geleden naar IJsland.
- Grootte: Ongeveer 130 tot 145 cm schofthoogte, klein maar bijzonder sterk.
- Gangen: Tot vijf, waaronder de beroemde tölt en de vliegende telgang.
- Aantal: In IJsland zelf leven zo'n 80.000 IJslandse paarden.
- Raszuiver: Andere paardenrassen mogen het land niet in, en een IJslands paard dat het eiland verlaat, mag nooit meer terug.
- Kleuren: Meer dan 40 kleuren en ongeveer 100 kleurvarianten.
Wat het IJslandse paard zo bijzonder maakt
Op het eerste gezicht lijkt een IJslands paard bijna een uit de kluiten gewassen pony, met dikke manen die over zijn vriendelijke ogen vallen.
Maar na een paar minuten in zijn buurt merk je het al: met een pony heeft dit dier weinig te maken.
De paarden zijn compact en enorm sterk, gebouwd voor lava, rivieren en sneeuw en niet voor een keurig aangeharkte rijbak. Ook als je IJslandse paarden kent van een manege in Nederland of België, beleef je ze hier anders: in het landschap waarvoor ze gemaakt zijn.
Klein, maar sterk
Eeuwen in een ruw klimaat hebben het IJslandse paard tot een stevig, gespierd dier gemaakt.
Lang voordat er wegen waren, droeg het boeren, post en voorraden over onbegaanbaar terrein.
Nog altijd vertrouwen ruiters erop dat het veilig rivieren doorwaadt, hellingen opklimt en op smalle, hobbelige paden elke stap goed zet.
Tölt, telgang en de andere gangen
De meeste paardenrassen kennen stap, draf en galop.
IJslandse paarden kunnen meer.
Veel van hen beheersen ook de soepele, veelgeprezen tölt.
Daarbij glijdt het paard in viertakt vooruit, en er staat altijd minstens één hoef op de grond.
De ruiter zit vrijwel stil in het zadel, terwijl het landschap voorbijtrekt.
Sommige paarden lopen daarnaast de vliegende telgang, een snelle gang waarbij de benen aan dezelfde kant tegelijk bewegen. Paarden die naast de tölt ook de telgang beheersen, heten vijfgangers. Die telgang zie je vooral op wedstrijden en races.
Een groep IJslandse paarden die over een zwart zandstrand of langs een rivier tölt, is een van de stille hoogtepunten van een reis door IJsland.

Een zuiver ras, beschermd door het eiland
Omdat IJsland zo afgelegen ligt, bleef het ras eeuwenlang zuiver.
Al meer dan 1.000 jaar mogen er geen andere paardenrassen het land in.
De regels zijn streng.
Verlaat een IJslands paard het eiland, dan mag het nooit meer terug.
Zo blijven de paarden op het eiland vrij van ziektes van buitenaf, en behoudt het ras zijn eigenschappen.
Gemaakt voor het weer, niet voor de stal
Zijn regenjas heeft het IJslandse paard altijd bij zich.
Een dichte ondervacht houdt de lichaamswarmte vast, en de lange dekharen laten regen en sneeuw afglijden.
In de winter veranderen ze in ruige, bijna kogelronde wolbollen, maar daaronder blijven ze slank en sterk.
Bij wind die de meeste mensen naar binnen jaagt, verblikken of verblozen ze niet.

Het IJslandse paard in geschiedenis en saga's
Het verhaal van het IJslandse paard begint bij de eerste kolonisten, die in de negende eeuw vanuit Noorwegen en de Britse Eilanden overstaken.
In hun langschepen namen ze stevige paarden mee. Ze wisten dat overleven in het onbekende land net zo goed van sterke dieren zou afhangen als van hun eigen handen.
De eerste paarden trokken ploegen door stenige grond, droegen mensen door rivieren zonder bruggen en verbonden afgelegen boerderijen met de kleine nederzettingen aan de kust.
Na verloop van tijd kregen ze ook een plek in de verhalen van het land.
De saga's vertellen over trouwe paarden die krijgers, koningen en boodschappers door lange winters droegen.
In de volksverhalen vervaagt bij sommige paarden de grens tussen werkelijkheid en legende.
Er gaan verhalen over spookruiters, gedaanteverwisselaars en waterpaarden die reizigers de golven in lokken.
Tegenwoordig zie je IJslandse paarden op ansichtkaarten, in kinderboeken en in de kunst, als levende schakel tussen het moderne IJsland en zijn wortels in de vikingtijd.
IJslandse paarden nu: paardrijden en kennismaken
Het makkelijkst kom je dicht bij een IJslands paard tijdens een korte buitenrit of een bezoek aan een boerderij.
Ervaring heb je daarvoor niet nodig.
De paarden staan bekend als rustig en vriendelijk, en veel zijn speciaal getraind voor beginners.
Buitenritten door echt IJslands landschap
Overal in het land kun je een buitenrit maken.
Je volgt een rustig pad langs een rivier, steekt een oud lavaveld over of rijdt over een stil strand vlak langs de branding.
Op ritten van een paar uur of een paar dagen tölt je vaak lange stukken, en met die soepele gang kom je veel verder dan je te voet ooit zou komen.
Boerderijbezoek en demonstraties
Op veel familieboerderijen maak je kennis met de paarden, leer je hoe je met ze omgaat en kijk je naar korte demonstraties van de gangen.
Dat is een goede keuze als je liever met beide benen op de grond blijft, foto's wilt maken en wilt horen hoe elk paard is opgegroeid en getraind.

Paardenvlees in IJsland: een korte kanttekening
Sommige bezoekers kijken ervan op dat paardenvlees in IJsland bij de traditionele keuken hoort.
Op het platteland waren paarden waardevolle werkdieren, maar in lange winters met krappe voorraden ook een belangrijke bron van vlees.
Je vindt het nog steeds op de kaart van sommige restaurants en bij een aantal slagers.
Of je het wilt proeven, bepaal je zelf.
Weetjes over het IJslandse paard
- Zeg nooit pony: Ook al zijn ze klein, IJslanders noemen ze altijd paarden, uit respect voor hun kracht en karakter.
- Geen retourtje: Gaat een IJslands paard naar het buitenland voor wedstrijden of de fokkerij, dan mag het door de strenge regels tegen dierziektes nooit meer terug.
- Bijna elke kleur: Het ras komt voor in meer dan 40 kleuren en zo'n 100 kleurvarianten, van gitzwart en vos tot appelschimmel en isabel.
- Alleskunner: Hetzelfde paard loopt vandaag rustig met een kind over het erf en start morgen in een töltwedstrijd.
- Goed geheugen: Ruiters vertellen vaak dat elk IJslands paard zijn eigen willetje heeft en paden en mensen na jaren nog herkent.
IJsland vanaf de paardenrug
Vanuit de auto verzamel je onderweg uitzichten als ansichtkaarten.
Op de rug van een IJslands paard voel je het landschap in je spieren en je adem.
Je ruikt het natte gras, hoort de hoeven op de stenen en ziet de mist over de heuvels trekken. Zo kom je een stuk dichter bij het land.
Je hoeft daarvoor geen hele dag in het zadel te boeken.
Na een rit van een of twee uur kijk je al anders naar het landschap.
Je ziet IJsland dan niet door de voorruit, maar in het tempo van een paard, zoals de mensen hier al duizend jaar reizen.
Veelgestelde vragen over het IJslandse paard
Hoe groot is een IJslands paard?
Zo'n 130 tot 145 cm schofthoogte. Toch is het geen pony: in IJsland heet het altijd een paard, uit respect voor zijn kracht en karakter.
Wat is tölt?
Een gang in viertakt waarbij altijd minstens één hoef de grond raakt. De ruiter zit daarbij vrijwel stil in het zadel. Sommige IJslandse paarden beheersen ook nog de snelle vliegende telgang en zijn dan vijfgangers.
Hoeveel IJslandse paarden zijn er in IJsland?
Zo'n 80.000. Andere paardenrassen mogen het land niet in, dus op het eiland leven al ruim 1.000 jaar alleen IJslandse paarden.
Waarom mag een IJslands paard niet terug naar IJsland?
Vanwege de strenge regels tegen dierziektes. Een paard dat het eiland eenmaal heeft verlaten, mag er nooit meer in. Zo blijven de paarden in IJsland beschermd tegen ziektes van buitenaf.
Kun je in IJsland ook als beginner paardrijden?
Ja. IJslandse paarden staan bekend als rustig en vriendelijk, en veel zijn speciaal getraind voor beginners. Buitenritten en boerderijbezoeken vind je in het hele land, en een rit van een of twee uur is al de moeite waard.
Mag ik paarden in de wei voeren of aaien?
Alleen als de boer het goedvindt. Kijken en fotograferen vanaf het hek kan altijd. Stop daarvoor nooit op de weg, maar op een parkeerplaats of in een parkeerhaven.
Een stop die de moeite waard is
Gletsjers, watervallen en zwarte stranden vullen misschien je fotoalbum. Wat na de reis blijft hangen, is vaak de ontmoeting met een IJslands paard.
De warme adem in je handen, de rustige blik, het vertrouwen waarmee het je over een wei draagt die je te voet te wild had gevonden.
Klein maar dapper: het IJslandse paard is meer dan een fotomodel.
Het heeft de mensen hier door duizend jaar wind en winter gedragen.
Kom je onderweg langs een boerderij of manege, neem dan even de tijd om gedag te zeggen en, als het uitkomt, een stukje te rijden.
Dichter bij IJsland kom je bijna niet.


